Eetlepel

Haar moeder vroeg nooit of Roos het licht aan wilde doen, maar riep vanuit de keuken: ‘Roos doe jij het grote licht van de woonkamer aan en de schemerlamp naast de bank?’ Ze zei eetlepel in plaats van lepel, bankkussen in plaats van kussen en iedere lamp in huis had een eigen naam. Natuurlijk was er in elke kamer een groot licht, behalve in de badkamer waar ‘het grote licht van de badkamer’ al maanden een nieuw peertje nodig had.
Wanneer Roos minder specifiek was, deed haar moeder alsof ze geen idee had waar ze het over had. Zo zei Roos iedere week op maandagochtend als het nog donker was wanneer ze haar tanden moest poetsen tegen haar moeder dat ze de lamp moest vervangen. Haar moeder reageerde niet, maar bleef Roos aankijken tot dat die zo ongemakkelijk werd dat ze toch maar overstag ging en zei dat het grote licht van de badkamer nog steeds een nieuw peertje nodig had. Roos was blij dat ze niet in een groter huis met meer kamers woonden, anders zou ze het moeten hebben over het grote licht van de badkamer op de rechtervleugel van de vierde verdieping.